5c.02 Doel van de rapportage.

Zaken zijn in de procedures door Groot naar zijn idee van zijn zijde wél voldoende duidelijk gesteld, en ook van bewijzen voorzien.  Onderdeel van die bewijzen waren rapporten van G. Ruiter uit Andijk, en een rapport van PPO.  Duijsens heeft die rapporten weersproken, de betreffende personen ook afgekraakt en als ondeskundig benoemd, evenwel zonder enig nader bewijs.  Deze rapporten zijn in de rechtszaken in hoofdzaak genegeerd.

De opzet van deze rapportage is om de zaken aanzienlijk duidelijker en breder te stellen, waarin  o.a. ook de diverse reacties van Duijsens worden bezien en beoordeeld.

Enerzijds beogen we dan een korte maar duidelijke samenvattende eindconclusie, van hooguit een pagina als een samenvattende eindbeoordeling, vervolgens pakweg  een korte reactie aangaande ieder beoordeeld onderwerp, ofwel antwoord op de gestelde vraag. Vervolgens wordt ieder beoordeeld onderwerp zonodig nog nader onderbouwd. Dit om daarmee dus het doel te bereiken dat de lezer de conclusies in enkele minuten tot zich kan nemen, maar dat er ook een gedegen onderbouwing en motivatie is. waar weinig tot niets op af te dingen zal zijn.  

Einddoel van Groot is dat daarmee verdere discussie ten einde komt, ook de beweringen die Bleeker en Duijsens doen voorzover die onjuist zijn en geen steek houden. Derhalve dient het ook breder te worden opgezet, ondanks het feit dat Groot veronderstelt, en er van uit gaat, dat de eerdere rapportages van Ruijter en PPO  integraal in stand zullen blijven.  Die rapportages zijn immers echter toch onvoldoende gebleken.

Er loopt nog een hoger beroep waar dit een rol van belang kan en moet gaan spelen. Evenwel, ook op andere fronten en mogelijke wijzen zal Groot het aan kunnen wenden en in brengen, daar waar hij dit nuttig en wenselijk acht.

Recta nos malum