3.1 Samenvatting

In tegenstelling tot veel andere landen is men er in Nederland niet op ingesteld om bij insolventie, bedrijven te redden. Toezicht en controle op de toezichthoudende rechter commissaris vindt niet plaats. Daarbij ontstaan langdurige, vrij innige relaties tussen curator en R.C.  en stelt men dat curatoren ruime bevoegdheden toekomt, die in de wet niet terug zijn te vinden, en niet nader worden omschreven maar die in de praktijk geen grenzen lijken te kennen, wat leidt tot bedrog, misleiding, diefstal, chantage enz. en wat de vermeende toezichthouder (rechter Commissaris) faciliteert aanmoedigd, enz. met de schijn dat die soms meedelen in de buit . De gefailleerde wordt buiten spel geplaatst en monddood gemaakt, waarna ongecontroleerd er zaken en goederen in het z.g. zwarte geld circuit  kunnen verdwijnen, de urendeclaraties oneigenlijk en ongecontroleerd kunnen worden opgeschroefd, en de gefailleerde, als die in privé enig verhaal biedt, op gekunstelde en op onjuiste gronden wordt beschuldigd van paulianeus handelen, en bestuurlijk aansprakelijk gesteld, en daarmee gechanteerd om diegene tot een schikking te dwingen, en als niet aan die chantage wordt toegegeven volgt veelal een oneerlijk proces, behandeld door  hetzelfde team van rechters waar ook de R.C. toe behoort of zelfs door die R.C. zelf. Naar de buitenwereld worden zaken met succes gecamoufleerd vooral door het misbruik van B.V.s groter te maken en voor te doen dat men dit bestrijdt terwijl zaken van echte misbruik los staan van de meerderheid van zaken van lieden die te goeder trouw handelen. Voor crediteuren blijft doorgaans niets over, wat onze overheid kennelijk ontgaat. Ook ontgaat ze dat deze misstanden in andere landen niet, of in veel mindere mate voorkomen. Maatschappelijke schade in economische zin in meerdere hoedanigheden zal jaarlijks in de miljarden euro’s  lopen.

Recta nos malum